Energie en CO2
Binnen de brouwerijen krijgt energieverbruik veel aandacht. Het brouwproces vraagt energie. Denk aan het verhitten en vervolgens weer koelen van de vloeistof die uiteindelijk bier wordt, het verpakken van het bier et cetera.
Onderzoek en ontwikkeling levert technieken en methoden op voor een efficiëntere beheersing van de bestaande processen en voor de invoering van nieuwe processen om de energie efficiency en toepassing van duurzame energie te verbeteren. Enkele brouwerijen beschikken bijvoorbeeld over een warmtekrachtinstallatie waarin aardgas op zeer efficiënte wijze wordt omgezet in energie en warmte.
De Nederlandse brouwers willen tot de wereldtop behoren als het gaat om zuinig omgaan met energie. Brouwerijen nemen deel aan de Meerjarenafspraken Energie Efficiëntie.
De kleine brouwerijen nemen deel aan de MJA 3 en de grotere brouwerijen aan Meerjarenakkoord Energie Efficiency (MEE). Deze grotere brouwerijen vallen onder het regime van CO2 emmissierechten.
Op 6 juli 1999 sloten de grotere brouwerijen en de branche met de overheid het Convenant Benchmarking. Het Convenant had een looptijd tot en met 2012. Doel van het Convenant was te bevorderen dat de Nederlandse industrie tot de wereldtop zou gaan behoren op het gebied van energie efficiëntie. Onderdeel van de afspraak is het eens in de vier jaar vaststellen van het energiegebruik door brouwerijen wereldwijd door middel van een benchmark. Speciaal voor de sector heeft de branche een eigen benchmarkingmethodiek laten ontwikkelen. Sinds 2009 is het Convenant Benchmarking vervangen door de meerjarenafspraak Energie-efficiëntie ETS-ondernemingen (MEE). Desondanks achten de brouwerijen het zinvol om na eerdere metingen in 2000, 2004 en 2008, ook in 2012 een benchmark voor energie efficiëntie en eventueel watergebruik uit te laten voeren, en haar eigen positie ten opzichte van de wereldtop te bepalen.








